Leestijd: 3 min (read)

Eind 1999 beheerde ik als internet provider een chatserver voor een paar honderd afgedankte fans van de eerste real life soap “Big Brother”. Chat was niet mijn ding, maar als beheerder was deelname, hoe spaarzaam ook, niet geheel te vermijden. Ik herinner me nog de reacties van de dames als ik een chatroom binnenkwam: “Hé, Webbyyyyy!!!”. Knappe jongen als dát je ego niet streelt!

Personal versus Professional Identity

In de chat was ik dus Webby. Mijn nickname en de manier waarop ik me gedroeg in de chatrooms was mijn personal identity en bezorgde me het imago van een coole dude, die (kennelijk) de kennis en de middelen had om die chatters een leuke tijd te laten hebben. Het hoeft geen betoog dat dat imago op gespannen voet leefde met mijn professional identity – als directeur. Nadat we ons een keer hadden laten overhalen om naar een chat-bijeenkomst te gaan, schrokken we ons overigens een hoedje. Nicknames zeggen (weten we inmiddels) véél meer over wat iemand wil zijn, dan wat hij/zij werkelijk is. Daar laat ik het bij.

Context: de opdrachtgever van Noah Kravitz, Phonedog.com, heeft ruim een jaar nadat Noah het bedrijf verlaten had aanspraak gemaakt op het twitteraccount @phonedog_noah en daarmee op de volgers van het account. Noah had – volgens eigen zeggen – in overleg met zijn opdrachtgever bij het verlaten van Phonedog.com in 2010 dit account omgezet naar @noahkravitz. Phonedog.com claimt nu $2.50 per volger ofwel $340.000 voor alle 17.000 volgers. Een interessante case, want aan wie behoort de professional identity van Kravitz nu toe – aan Noah zelf of aan zijn opdrachtgever? Noah: “I do not view people as property”.

Corporate Identity

Het beheren van chatservers bracht nog een zakelijk risico met zich mee. Het was een ware magneet voor scriptkiddies! Het koste me dan ook de grootste moeite om dat gespuis van die chatserver af te houden. Degelijke magneten diende je als zakelijke provider te mijden. Reclame maken voor het aanbieden van dergelijke diensten deed je dan ook niet: het zou de corporate identity van mijn bedrijf alleen maar kunnen schaden.

Social Identity

Sinds 2009 ben ik actief in de sociale media. Eerst op Twitter en LinkedIn, later ook op andere platformen. Mijn eerste account op Twitter was @enternext, de naam van mijn hostingbedrijf. Maar het bleek lastig om binnen dat account een persoonlijke note te plaatsen. Vanuit mijn tweede account @edwinkorver ging dat wel. Sindsdien bouw ik zorgvuldig aan mijn social identity – verdeeld over meerdere accounts, waaronder dus ook @desocialemedia

Wie ben ik werkelijk en wie ben ik online?

Persoonlijk denk ik dat je alleen door oprechtheid en transparantie al die identiteiten kunt managen – zowel privé als zakelijk. Ondanks dat ik slechts ten dele invloed heb op mijn imago, probeer ik via mijn identiteiten zo dicht mogelijk bij mezelf en mijn competenties te blijven. In tegenstelling tot de nickname-cultuur van de vorige eeuw houdt een valse identiteit in de sociale media niet lang stand. Mensen, die zichzelf toch mooier maken dan wie ze zijn vallen vroeg of laat hard door de mand.

Imago’s zijn uiterst kwetsbaar

Wie een beetje thuis is in public relations weet dat imago’s uiterst kwetsbaar zijn, zowel van personen als van bedrijven. Een aanval op een imago is snel gemaakt en kan – als de bron niet tijdig wordt geëlimineerd – tot een op drift raken van het imago lijden. Zorg dus dat je voortdurend monitored wat mensen over je persoon, je merk of je bedrijf zeggen en schrijven. Niet alleen in de sociale media, maar ook via Google. En staat er ergens een onvertogen woord, zorg dat het verdwijnt en maak niet de fout het te negeren. Vroeg of laat keert elke onwaarheid zich tegen je ..

Wie ben jij online – zoveel mogelijk jezelf of speel je een rol? Ken je voorbeelden van mensen die online niet zichzelf zijn en daarop publiekelijk zijn aangesproken? Benieuwd ..

7 REACTIES

  1. Ik denk dat het grootste probleem voor veel mensen is om een duidelijke scheiding te maken tussen hun professionele (zakelijke) en persoonlijke social identity. Vaak zijn ze niet in staat om hun professionele identiteit los te koppelen van emoties.

    Interessante voorbeelden daarvan zijn vaak discussies nav blogs en posts, waarbij de auteur de professionele identiteit (vaak een zakelijke identiteit) deels loslaat om in te vullen met emotie, waardoor het aanzien tov de auteur (zakelijk en persoonlijk) beschadigd wordt.

    • Elk mens heeft 3 gezichten: je ego (hoe jij jezelf ziet), je identiteit (hoe je wilt dat anderen jou zien) en je imago (hoe anderen jou zien). Je imago is dus niet je ego: velen trappen in die valkuil. Dus wat een ander over je zegt of schrijft is niet wie je bent: het is hoe anderen over je denken. Dat kun je via je identiteit(en) enigzins sturen, maar je zult moeten accepteren dat de buitenwereld van invloed is op je imago. Daar komt bij dat het risico van ontmaskering (van een opgedirkte identiteit) sterk is toegenomen door de opkomst van de sociale media. En dat laatste geldt natuurlijk ook voor bedrijven. Zo zal het imago van Apple als een ‘klantvriendelijk bedrijf’ een flinke deuk oplopen door de boete in Italië wegens garantiemisleiding.

        • Je ego is wie je bent. Identiteit is hoe jij wilt dat anderen je ego zien. Je imago is hoe anderen je identiteit ervaren, door observaties en interpretaties. Het is zaak om identiteit en imago zoveel mogelijk congruent te laten zijn. Daarom is monitoring en engagement ook zo belangrijk (ongewenste en/of onjuiste interpretaties van je identiteit/authenticiteit/gedragingen/acties/etc.).

  2. Simpel voorbeeld van het stelsel van wezen-identiteit-imago (ego = wezen) is een bedrijf wat zich uitgeeft als duurzaam (identiteit) en dat ook steevast via de media communiceert. Een aantal klanten ervaart die duurzaamheid en vertaalt die gedragingen, tesamen met de identiteitsclaim, terug naar een duurzaam imago. Het imago is congruent met de identiteit.

    Maar het bedrijf zelf geeft in werkelijkheid niets om duurzaamheid en verspilt op kantoor een berg papier. De identiteit dient alleen een commercieel belang. Het imago is dus incongruent met het wezen van het bedrijf.

    Als bekend wordt dat het wezen van het bedrijf niets om duurzaamheid geeft, valt het imago van het bedrijf in duigen. De identiteit was niet oprecht en het bedrijf (wezen) wordt keihard gestraft voor haar incongruente gedrag.

      • Het is mijn vrije interpretatie van het proces van image building (imago), reputatie management (identiteit) en de menselijke psyche (ego) – vertaalt naar de organisatie als levend organisme (wezen).

        “The truth is in the eye of the beholder” – Het maakt veel uit waar je staat als je kijkt naar een organisatie: van binnen naar buiten geeft een heel ander beeld dan andersom. Wie wil je zijn als organisatie (identiteit) en hoe meet/monitor je hoe er over je wordt gedacht/geschreven (imago).

        Maar een organisatie is niet alleen een optelsom van individuen, procedures en businessplannen, maar tevens een samenstelsel van normen/waarden, ofwel een cultuur op zichzelf (wie ben je). Die cultuur (wezen) bepaalt in hoge mate hoe individuen vanuit die cultuur reageren op de omgeving. Vaak zie je dat juist vanuit hechte bedrijfsculturen heftig gereageerd wordt op ‘aanvallen’ van buiten (wij tegen zij). Dan kan tussen het imago en het wezen een onthutsende inconsistentie ontstaan, wat je via reputatiemanagement (pr/spinning) vaak alleen met heel veel moeite weer kunt repareren (als dat ooit al lukt).

        Vandaar ook dat ik in eerdere posts oproep om goed na te denken over je bedrijfscultuur (zie CocaCola Company) en reacties ‘vanuit het hart ervan’ te verankeren in een corporate media policy (social included).

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.